De smaak is droog licht kruidig met hints van rijp fruit en in de afdronk een fris zuurtje.
Waarschijnlijk stond de Falanghina druif in de Romeinse tijd al aan de basis van een witte wijn, die de Romeinen Falernia noemden. De druiven kenmerken zich door hun grote aromatische kracht. Doordat ze een lange rijping vragen worden de druiven ook pas laat geoogst. De wijngaarden van deze druiven liggen op een hoogte van zo'n 300 tot 400 meter hoogte.
De druiven worden met de hand geoogst en gegist in satlen tanks om de geur en smaak van het fruit optimaal te behouden.
Om volop van deze mooie wijn te genieten adviseren wij u een iets hogere temperatuur (12-14Cº) dan normaal voor een witte wijn aan te houden